De Overwinning
الفتح
Reciteur: Mishary Rashid Alafasy
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ
innā fataḥnā laka fatḥan mubīnan
Waarlijk, Wij hebben jou een duidelijk overwinning geschonken.
liyaghfira laka l-lahu mā taqaddama min dhanbika wamā ta-akhara wayutimma niʿ'matahu ʿalayka wayahdiyaka ṣirāṭan mus'taqīman
Opdat Allah jouw vroegere zonden zal vergeven en ook de latere. En Hij vervolmaakt Zijn gunst aan jou en Hij leidt jou op het rechte Pad.
wayanṣuraka l-lahu naṣran ʿazīzan
En zodat Allah jou zal voorzien van (onoverwinnelijke en ongeëvenaarde) hulp.
huwa alladhī anzala l-sakīnata fī qulūbi l-mu'minīna liyazdādū īmānan maʿa īmānihim walillahi junūdu l-samāwāti wal-arḍi wakāna l-lahu ʿalīman ḥakīman
Hij is Degene Die kalmte en rust in de (bezorgde) harten van de (duizend vierhonderd) gelovige (metgezellen) neerzond, opdat zij geloof zouden toevoegen aan hun geloof (dat al in" hen was). En aan Allah behoren de legers (bestaande uit Engelen) van de hemelen en de aarde. En Allah is Alwetend (over de dingen die Zijn dienaren ten goede komen), Alwijs (in Zijn bepalingen en planningen).
liyud'khila l-mu'minīna wal-mu'mināti jannātin tajrī min taḥtihā l-anhāru khālidīna fīhā wayukaffira ʿanhum sayyiātihim wakāna dhālika ʿinda l-lahi fawzan ʿaẓīman
Opdat Hij de gelovige mannen en de gelovige vrouwen Tuinen zal doen binnenleiden, waar rivieren onder door stromen, om daarin voor altijd te verblijven. En Hij wist hun zonden uit. En dat is in het aangezicht van Allah een geweldig succes.
wayuʿadhiba l-munāfiqīna wal-munāfiqāti wal-mush'rikīna wal-mush'rikāti l-ẓānīna bil-lahi ẓanna l-sawi ʿalayhim dāiratu l-sawi waghaḍiba l-lahu ʿalayhim walaʿanahum wa-aʿadda lahum jahannama wasāat maṣīran
En Hij bestraft de hypocrieten, mannen en vrouwen, en ook de degenen die deelgenoten aan Allah toekennen, mannen en vrouwen, die kwaad over Allah denken. Het slechte zal hen omsingelen en de toorn van Allah is over hen. En Hij heeft hen vervloekt en de Hel voor hen voorbereid, en dat is inderdaad een slechte bestemming.
walillahi junūdu l-samāwāti wal-arḍi wakāna l-lahu ʿazīzan ḥakīman
En aan Allah behoren de legers van de hemelen en de aarde, en Allah is altijd Alwetend, Alwijs.
innā arsalnāka shāhidan wamubashiran wanadhīran
Waarlijk, Wij hebben jou als getuige gestuurd, als brenger van goed nieuws en als waarschuwer.
litu'minū bil-lahi warasūlihi watuʿazzirūhu watuwaqqirūhu watusabbiḥūhu buk'ratan wa-aṣīlan
Opdat jullie in Allah en Zijn Boodschapper zullen geloven en jullie Hem helpen en Hem eren en Zijn lof prijzen in de ochtend en de avond.
inna alladhīna yubāyiʿūnaka innamā yubāyiʿūna l-laha yadu l-lahi fawqa aydīhim faman nakatha fa-innamā yankuthu ʿalā nafsihi waman awfā bimā ʿāhada ʿalayhu l-laha fasayu'tīhi ajran ʿaẓīman
Waarlijk, degenen die een gelofte bij jou afleggen, leggen een gelofte bij Allah af. De hand van Allah is boven hun handen. Iedereen die dan vervolgens de gelofte breekt, doet alleen zichzelf kwaad en iedereen die vervult wat hij met Allah overeen gekomen is: Hij zal hem een grote beloning geven.
sayaqūlu laka l-mukhalafūna mina l-aʿrābi shaghalatnā amwālunā wa-ahlūnā fa-is'taghfir lanā yaqūlūna bi-alsinatihim mā laysa fī qulūbihim qul faman yamliku lakum mina l-lahi shayan in arāda bikum ḍarran aw arāda bikum nafʿan bal kāna l-lahu bimā taʿmalūna khabīran
Degenen onder de woestijnbewoners die achterbleven zullen tegen jou zeggen: “Onze bezittingen en onze families hielden ons bezig, vraag vergiffenis voor ons.” Zij zeggen met hun tongen wat niet in hun harten is. Zeg: “Wie heeft dan de macht om iets van Allah voor jullie te voorkomen, als Hij jullie "wil kwetsen of jullie wil begunstigen?” Nee, Allah is Alwetend van wat jullie doen.
bal ẓanantum an lan yanqaliba l-rasūlu wal-mu'minūna ilā ahlīhim abadan wazuyyina dhālika fī qulūbikum waẓanantum ẓanna l-sawi wakuntum qawman būran
Jullie dachten zelfs dat de Boodschapper en de gelovigen nooit tot hun families zouden terugkeren, en dat werd (door de Satan) in jullie harten schoonschijnend gemaakt, en jullie koesterden kwade gedachten en jullie werden een vernietigd volk.
waman lam yu'min bil-lahi warasūlihi fa-innā aʿtadnā lil'kāfirīna saʿīran
En wie niet in Allah en Zijn Boodschapper gelooft, dan waarlijk, Wij hebben voor de ongelovigen een laaiend Vuur voorbereid.
walillahi mul'ku l-samāwāti wal-arḍi yaghfiru liman yashāu wayuʿadhibu man yashāu wakāna l-lahu ghafūran raḥīman
En aan Allah behoort de soevereiniteit van de hemelen en de aarde. Hij vergeeft wie Hij wil, en straft wie Hij wil. En Allah is de Vergevingsgezinde, de Barmhartige.
sayaqūlu l-mukhalafūna idhā inṭalaqtum ilā maghānima litakhudhūhā dharūnā nattabiʿ'kum yurīdūna an yubaddilū kalāma l-lahi qul lan tattabiʿūnā kadhālikum qāla l-lahu min qablu fasayaqūlūna bal taḥsudūnanā bal kānū lā yafqahūna illā qalīlan
Degene die achterblijven zullen zeggen: “Als jullie vooruit gestuurd worden om de buit te halen, sta ons toe jullie te volgen.” Zij willen Allah’s woorden veranderen. Zeg (O Mohammed): “Jullie zullen nooit met ons meegaan; dat heeft Allah vooraf gezegd.” Dan zullen zij zeggen: “Nee, jullie zijn jaloers op ons.” Zij begrijpen maar weinig.
qul lil'mukhallafīna mina l-aʿrābi satud'ʿawna ilā qawmin ulī basin shadīdin tuqātilūnahum aw yus'limūna fa-in tuṭīʿū yu'tikumu l-lahu ajran ḥasanan wa-in tatawallaw kamā tawallaytum min qablu yuʿadhib'kum ʿadhāban alīman
Zeg tegen de woestijnbewoners die achterblijven (door geen gehoor te geven aan de oproep tot de wapenen): “Jullie zullen (nu door de Profeet, en later door de Kaliefen) opgeroepen worden om te vechten tegen oorlogszuchtige volkeren (zoals de Perzen en de Romeinen), dan zullen zij ofwel tegen jullie vechten ofwel zullen zij zich onderwerpen (en de keuze maken tussen islam of djizya). Als jullie dan gehoorzaam zijn (aan de oproep tot de wapenen), dan zal Allah jullie een eerlijke (en rijkelijke) beloning geven (zowel in dit leven als in het Hiernamaals), maar als jullie je hiervan afkeren, zoals jullie al eerder hebben gedaan (nadat de Profeet jullie had opgeroepen om met hem op ‘omrah te gaan voor de herovering), dan zal Hij jullie (in dit" leven vernederen met een laffe dood en vervolgens jullie) treffen met een pijnlijke bestraffing (in het Hellevuur).”
laysa ʿalā l-aʿmā ḥarajun walā ʿalā l-aʿraji ḥarajun walā ʿalā l-marīḍi ḥarajun waman yuṭiʿi l-laha warasūlahu yud'khil'hu jannātin tajrī min taḥtihā l-anhāru waman yatawalla yuʿadhib'hu ʿadhāban alīman
Geen schande of zonde zal er zijn voor de blinde, noch zal er schande of zonde zijn voor de kreupele, en evenmin zal er schande of zonde zijn voor de zieke (wanneer zij niet meevechten). En al wie Allah en Zijn Boodschapper gehoorzaamt, zal door Hem worden toegelaten tot Tuinen waar rivieren onderdoor stromen. En al wie zich afkeert, zal door Hem met een pijnlijke bestraffing worden bestraft.
laqad raḍiya l-lahu ʿani l-mu'minīna idh yubāyiʿūnaka taḥta l-shajarati faʿalima mā fī qulūbihim fa-anzala l-sakīnata ʿalayhim wa-athābahum fatḥan qarīban
Voorwaar, Allah was vergenoegd met de gelovigen toen zij hun gelofte aan jou onder de boom aflegden. Hij wist wat in hun harten was en (vanwege hun oprechtheid) deed Hij (innerlijke) rust en kalmte op hen neerdalen. En Hij beloonde hen met een nabije overwinning.
wamaghānima kathīratan yakhudhūnahā wakāna l-lahu ʿazīzan ḥakīman
En een overvloedige oorlogsbuit die zij namen. En Allah is Almachtig, Alwijs.
waʿadakumu l-lahu maghānima kathīratan takhudhūnahā faʿajjala lakum hādhihi wakaffa aydiya l-nāsi ʿankum walitakūna āyatan lil'mu'minīna wayahdiyakum ṣirāṭan mus'taqīman
Allah heeft jullie een overvloedige oorlogsbuit beloofd die jullie zullen nemen, en Hij heeft dit voor jullie bespoedigd. En Hij heeft de handen van de mensen (de vijanden) van jullie afgehouden, opdat het een teken voor de gelovigen mag zijn, en dat Hij jullie mag leiden op het rechte Pad.