De in Rijen Opgestelden
الصافات
Reciteur: Mishary Rashid Alafasy
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ
wal-ṣāfāti ṣaffan
Bij hen die in rijen geordend zijn (de Engelen).
fal-zājirāti zajran
Bij hen die de wolken op een goede manier voortdrijven.
fal-tāliyāti dhik'ran
Bij hen die het Boek (de Koran) voordragen.
inna ilāhakum lawāḥidun
Waarlijk, jullie God is zeker Eén.
rabbu l-samāwāti wal-arḍi wamā baynahumā warabbu l-mashāriqi
De Heer van de hemelen en de aarde en alles wat daar tussen is, en de Heer van de plaatsen van zonsopgang.
innā zayyannā l-samāa l-dun'yā bizīnatin l-kawākibi
Waarlijk! Wij hebben de nabije hemel met sterren versierd.
waḥif'ẓan min kulli shayṭānin māridin
En (die zijn er) als bescherming tegen alle opstandige duivels.
lā yassammaʿūna ilā l-mala-i l-aʿlā wayuq'dhafūna min kulli jānibin
Zij kunnen niet luisteren bij de hogere groep (de Engelen) want zij worden van alle kanten bekogeld.
duḥūran walahum ʿadhābun wāṣibun
Als verworpenen en voor hen is er een voortdurende bestraffing.
illā man khaṭifa l-khaṭfata fa-atbaʿahu shihābun thāqibun
Maar hij die steelsgewijze opvangt, hem achtervolgt een heldere vlam.
fa-is'taftihim ahum ashaddu khalqan am man khalaqnā innā khalaqnāhum min ṭīnin lāzibin
Vraag hen (de ongelovigen) dan of zij moeilijker zijn te scheppen, dan andere (dingen) die Wij hebben geschapen. Waarlijk, Wij hebben hen uit plakkerige klei geschapen.
bal ʿajib'ta wayaskharūna
Nee, jij verwondert je zelfs als zij (de door jou gebrachte Boodschap) bespotten.
wa-idhā dhukkirū lā yadhkurūna
En wanneer zij vermaand worden besteden zij daar geen aandacht aan.
wa-idhā ra-aw āyatan yastaskhirūna
En als zij een Teken van Allah zien, dan bespotten zij het.
waqālū in hādhā illā siḥ'run mubīnun
En zij zeggen: “Dit is niets anders dan duidelijke toverkunst!
a-idhā mit'nā wakunnā turāban waʿiẓāman a-innā lamabʿūthūna
Als wij dood zijn en tot stof en beenderen vergaan zijn, zullen wij (dan) werkelijk herrijzen?
awaābāunā l-awalūna
En ook onze oude voorvaderen?”
qul naʿam wa-antum dākhirūna
Zeg:: “Ja, en jullie zullen vernederd zijn.”
fa-innamā hiya zajratun wāḥidatun fa-idhā hum yanẓurūna
Er zal dan slechts één enkele roep zijn en zie, zij zullen staren!
waqālū yāwaylanā hādhā yawmu l-dīni
Zij zullen zeggen: “Wee ons! Dit is de Dag der Opstanding!”