De Groepen
الزمر
Reciteur: Mishary Rashid Alafasy
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ
tanzīlu l-kitābi mina l-lahi l-ʿazīzi l-ḥakīmi
De openbaring van dit Boek is van Allah, de Almachtige, de Alwijze.
innā anzalnā ilayka l-kitāba bil-ḥaqi fa-uʿ'budi l-laha mukh'liṣan lahu l-dīna
Waarlijk, Wij hebben het Boek aan jou (O Mohammed) in Waarheid neergezonden; aanbidt dus (alleen) Allah, Hem zuiver aanbiddend.
alā lillahi l-dīnu l-khāliṣu wa-alladhīna ittakhadhū min dūnihi awliyāa mā naʿbuduhum illā liyuqarribūnā ilā l-lahi zul'fā inna l-laha yaḥkumu baynahum fī mā hum fīhi yakhtalifūna inna l-laha lā yahdī man huwa kādhibun kaffārun
Weet dat Allah de zuivere aanbidding toekomt. En degenen die helpers naast Hem nemen (zeggen): “Wij aanbidden hen alleen maar zodat zij ons nader tot Allah kunnen brengen.” Waarlijk, Allah zal tussen hen oordelen over datgene waarover zij van mening verschillen. Waarlijk, Allah leidt de leugenaar en de ongelovigen niet.
law arāda l-lahu an yattakhidha waladan la-iṣ'ṭafā mimmā yakhluqu mā yashāu sub'ḥānahu huwa l-lahu l-wāḥidu l-qahāru
Als Allah een zoon zou wensen te nemen, dan zou Hij kiezen wat Hij wilde van wat Hij geschapen heeft. Maar verheerlijkt is Hij! Hij is Allah, de Ene, de Overweldiger.
khalaqa l-samāwāti wal-arḍa bil-ḥaqi yukawwiru al-layla ʿalā l-nahāri wayukawwiru l-nahāra ʿalā al-layli wasakhara l-shamsa wal-qamara kullun yajrī li-ajalin musamman alā huwa l-ʿazīzu l-ghafāru
Hij heeft de hemelen en de aarde met Waarheid geschapen. Hij laat de nacht in de dag overgaan en laat de dag in de nacht overgaan. En Hij heeft de zon en de maan onderworpen; ieder beweegt voor een vastgestelde periode. Waarlijk, Hij is de Almachtige, de Vergevingsgezinde.
khalaqakum min nafsin wāḥidatin thumma jaʿala min'hā zawjahā wa-anzala lakum mina l-anʿāmi thamāniyata azwājin yakhluqukum fī buṭūni ummahātikum khalqan min baʿdi khalqin fī ẓulumātin thalāthin dhālikumu l-lahu rabbukum lahu l-mul'ku lā ilāha illā huwa fa-annā tuṣ'rafūna
Hij heeft jullie (allen) uit één enkele ziel geschapen, daarna heeft Hij uit hen echtgenoten geschapen. En Hij heeft voor jullie van het vee acht paren neergezonden. Hij heeft jullie in de baarmoeders van jullie moeders geschapen, schepping na schepping in drie sluiers van duisternis. Dat is Allah, jullie Heer. Aan Hem is het Koninkrijk. Geen god is er dan Hij. Hoe kunnen jullie je dan afkeren?
in takfurū fa-inna l-laha ghaniyyun ʿankum walā yarḍā liʿibādihi l-kuf'ra wa-in tashkurū yarḍahu lakum walā taziru wāziratun wiz'ra ukh'rā thumma ilā rabbikum marjiʿukum fayunabbi-ukum bimā kuntum taʿmalūna innahu ʿalīmun bidhāti l-ṣudūri
Als jullie ongelovig zijn, dan waarlijk, heeft Allah jullie niet nodig. Hij houdt niet van ondankbaarheid onder Zijn dienaren. En als jullie dankbaar zijn dan heeft Hij behagen in jullie. Geen lastdrager zal de last van een ander dragen. Daarna is tot jullie Heer jullie terugkeer. Dan zal Hij jullie vertellen wat jullie plachten te doen. Waarlijk, Hij is de Alwetende van wat zich in de harten bevindt.
wa-idhā massa l-insāna ḍurrun daʿā rabbahu munīban ilayhi thumma idhā khawwalahu niʿ'matan min'hu nasiya mā kāna yadʿū ilayhi min qablu wajaʿala lillahi andādan liyuḍilla ʿan sabīlihi qul tamattaʿ bikuf'rika qalīlan innaka min aṣḥābi l-nāri
En als iets de mens kwetst, keert hij roepend tot zijn Heer in berouw, maar als Hij hem een gunst van Hemzelf geeft, dan vergeet hij waarom hij eerst geroepen heeft en kent hij Allah deelgenoten toe, zodat anderen van Zijn Pad worden afgeleid. Zeg (O Mohammed): “Geniet maar korte tijd van jullie ongeloof; waarlijk, jij bent (één) van de bewoners van het Vuur!”
amman huwa qānitun ānāa al-layli sājidan waqāiman yaḥdharu l-ākhirata wayarjū raḥmata rabbihi qul hal yastawī alladhīna yaʿlamūna wa-alladhīna lā yaʿlamūna innamā yatadhakkaru ulū l-albābi
Is de gehoorzame die een gedeelte van de nacht, zich neerknielend en staand (in gebed doorbrengt), die het Hiernamaals vreest en die op de genade van zijn Heer hoopt (gelijk aan de ongelovigen)? Zeg: “Zijn degenen die weten gelijk aan de onwetenden?” Het zijn slechts de mensen van begrip die er lering uit trekken.
qul yāʿibādi alladhīna āmanū ittaqū rabbakum lilladhīna aḥsanū fī hādhihi l-dun'yā ḥasanatun wa-arḍu l-lahi wāsiʿatun innamā yuwaffā l-ṣābirūna ajrahum bighayri ḥisābin
Zeg: “O mijn dienaren die geloven, vrees jullie Heer. Voor degenen die het goede doen in deze wereld is er goedheid, en de aarde van Allah is uitgestrekt. Slechts degenen die geduldig zijn (tijdens het vasten, in gehoorzaamheid aan Allah en Zijn beproevingen), zullen hun beloning volledig ontvangen zonder berekening (in maten of eenheden.”
qul innī umir'tu an aʿbuda l-laha mukh'liṣan lahu l-dīna
Zeg: “Waarlijk, mij is bevolen om (alleen) Allah te aanbidden, Hem zuiver aanbiddend.
wa-umir'tu li-an akūna awwala l-mus'limīna
En mij is bevolen om de eerste der moslims te zijn.”
qul innī akhāfu in ʿaṣaytu rabbī ʿadhāba yawmin ʿaẓīmin
Zeg: “Waarlijk, ik ben bang voor de bestraffing op een grote Dag als ik ongehoorzaam ben aan mijn Heer.”
quli l-laha aʿbudu mukh'liṣan lahu dīnī
Zeg: “Allah is het Die ik aanbid, Hem zuiver aanbiddend.
fa-uʿ'budū mā shi'tum min dūnihi qul inna l-khāsirīna alladhīna khasirū anfusahum wa-ahlīhim yawma l-qiyāmati alā dhālika huwa l-khus'rānu l-mubīnu
Aanbidt dus naast Hem wat jullie willen.” Zeg: “De verliezers zijn zij die zichzelf en hun familie op de Dag der Opstanding verlies toebrengen. Waarlijk, dat zal een duidelijk verlies zijn!”
lahum min fawqihim ẓulalun mina l-nāri wamin taḥtihim ẓulalun dhālika yukhawwifu l-lahu bihi ʿibādahu yāʿibādi fa-ittaqūni
Zij zullen bedekkingen van vuur boven hen hebben en bedekkingen (van vuur) beneden hen, hiermee beangstigt Allah Zijn dienaren: “O Mijn dienaren, vrees Mij hiervoor!”
wa-alladhīna ij'tanabū l-ṭāghūta an yaʿbudūhā wa-anābū ilā l-lahi lahumu l-bush'rā fabashir ʿibādi
Degenen die het aanbidden van afgoden vermijden en zich tot Allah in berouw keren; voor hen is er goed nieuws. Verkondig het goede nieuws aan Mijn dienaren.
alladhīna yastamiʿūna l-qawla fayattabiʿūna aḥsanahu ulāika alladhīna hadāhumu l-lahu wa-ulāika hum ulū l-albābi
Degenen die naar het woord luisteren en daarna het beste ervan volgen, dat zijn (degenen) die Allah geleid heeft en dat zijn de bezitters van verstand.
afaman ḥaqqa ʿalayhi kalimatu l-ʿadhābi afa-anta tunqidhu man fī l-nāri
Voor wie het woord van de bestraffing bewaarheid is, zou jij (O Mohammed) hij die in het vuur is, kunnen redden?
lākini alladhīna ittaqaw rabbahum lahum ghurafun min fawqihā ghurafun mabniyyatun tajrī min taḥtihā l-anhāru waʿda l-lahi lā yukh'lifu l-lahu l-mīʿāda
Maar degenen die Allah vrezen en hun plichten tot hun Heer (Allah) vervullen, voor hen worden liefelijke kamers gebouwd, de ene boven de ander, waaronder rivieren stromen. Als een belofte van Allah, en Allah breekt de belofte niet.