Het IJzer
الحديد
Reciteur: Mishary Rashid Alafasy
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ
sabbaḥa lillahi mā fī l-samāwāti wal-arḍi wahuwa l-ʿazīzu l-ḥakīmu
Wat er in de hemelen en op aarde is verheerlijkt Allah, en Hij is de Almachtige, de Alwijze.
lahu mul'ku l-samāwāti wal-arḍi yuḥ'yī wayumītu wahuwa ʿalā kulli shayin qadīrun
Aan Hem is het koninkrijk van de hemelen en de aarde. Hij is Degene Die het leven geeft en de dood veroorzaakt; en Hij is tot alle dingen in staat.
huwa l-awalu wal-ākhiru wal-ẓāhiru wal-bāṭinu wahuwa bikulli shayin ʿalīmun
Hij is de Eerste en de Laatste, de Grootste en de Onwaarneembare. En Hij is de Alwetende van alles.
huwa alladhī khalaqa l-samāwāti wal-arḍa fī sittati ayyāmin thumma is'tawā ʿalā l-ʿarshi yaʿlamu mā yaliju fī l-arḍi wamā yakhruju min'hā wamā yanzilu mina l-samāi wamā yaʿruju fīhā wahuwa maʿakum ayna mā kuntum wal-lahu bimā taʿmalūna baṣīrun
Hij is Degene Die de hemelen en de aarde in zes dagen heeft geschapen waarna Hij Zich op de Troon zetelde. Hij kent wat de aarde ingaat en wat er weer uitkomt, en wat uit de hemel neerdaalt en wat er in opstijgt. En Hij is met jullie, waar jullie ook zijn. En Allah is de Alziende over wat jullie doen.
lahu mul'ku l-samāwāti wal-arḍi wa-ilā l-lahi tur'jaʿu l-umūru
Aan Hem is het koninkrijk van de hemelen en de aarde. En tot Allah komen alle zaken terug.
yūliju al-layla fī l-nahāri wayūliju l-nahāra fī al-layli wahuwa ʿalīmun bidhāti l-ṣudūri
Hij laat de nacht overgaan in de dag, en laat de dag overgaan in de nacht. En Hij is de Kenner van wat in de harten is.
āminū bil-lahi warasūlihi wa-anfiqū mimmā jaʿalakum mus'takhlafīna fīhi fa-alladhīna āmanū minkum wa-anfaqū lahum ajrun kabīrun
Geloof in Allah en Zijn Boodschapper en geef weg van datgene waarvan Hij jullie erfgenamen heeft gemaakt. Voor degenen van jullie die geloven en besteden zal er een grote beloning zijn.
wamā lakum lā tu'minūna bil-lahi wal-rasūlu yadʿūkum litu'minū birabbikum waqad akhadha mīthāqakum in kuntum mu'minīna
En wat scheelt jullie dat jullie niet in Allah geloven! Terwijl de Boodschapper jullie oproept om te geloven in jullie Heer? En Hij heeft jullie zeker als bondgenoten genomen, als jullie ware gelovigen zijn.
huwa alladhī yunazzilu ʿalā ʿabdihi āyātin bayyinātin liyukh'rijakum mina l-ẓulumāti ilā l-nūri wa-inna l-laha bikum laraūfun raḥīmun
Hij is Degene die duidelijke Verzen heeft gestuurd aan Zijn dienaar om jullie uit de duisternis naar het licht te brengen. En waarlijk, Allah is voor jullie vol vriendelijkheid, Genadevol.
wamā lakum allā tunfiqū fī sabīli l-lahi walillahi mīrāthu l-samāwāti wal-arḍi lā yastawī minkum man anfaqa min qabli l-fatḥi waqātala ulāika aʿẓamu darajatan mina alladhīna anfaqū min baʿdu waqātalū wakullan waʿada l-lahu l-ḥus'nā wal-lahu bimā taʿmalūna khabīrun
En wat scheelt jullie dat jullie niet voor de zaak van Allah uitgeven? En aan Allah behoort de erfenis van de hemelen en de aarde. Degenen van jullie die vόόr de overwinning (bij Mekkah) bijdragen gaven en vochten zijn niet gelijk. Zij staan hoger in rang dan degenen die daarna besteedden en vochten. Maar voor allen heeft Allah het beste beloofd. En Allah is Alwetend van wat jullie doen.
man dhā alladhī yuq'riḍu l-laha qarḍan ḥasanan fayuḍāʿifahu lahu walahu ajrun karīmun
Wie is degene die aan Allah een goede lening geeft? Dan zal (Allah) deze voor hem verdubbelen en hij zal een goede beloning krijgen.
yawma tarā l-mu'minīna wal-mu'mināti yasʿā nūruhum bayna aydīhim wabi-aymānihim bush'rākumu l-yawma jannātun tajrī min taḥtihā l-anhāru khālidīna fīhā dhālika huwa l-fawzu l-ʿaẓīmu
Op En de dag waarop jij de gelovige mannen en de gelovige vrouwen ziet. Hun licht straalt voor hen uit en bij hun rechterhanden. (Er wordt hen gezegd:) “Goed nieuws is voor jullie op deze dag: Tuinen waar rivieren onderdoor stromen (het Paradijs) om daarin voor altijd te verblijven! Waarlijk, dit is een groot succes!”
yawma yaqūlu l-munāfiqūna wal-munāfiqātu lilladhīna āmanū unẓurūnā naqtabis min nūrikum qīla ir'jiʿū warāakum fal-tamisū nūran faḍuriba baynahum bisūrin lahu bābun bāṭinuhu fīhi l-raḥmatu waẓāhiruhu min qibalihi l-ʿadhābu
Op die Dag zullen de hypocrieten – mannen en vrouwen – tegen de gelovigen zeggen: “Wacht op ons! Laat ons wat van jullie licht gebruiken.” Er zal gezegd worden: “Ga terug, naar achterenen zoek dan het licht!” Er zal dan een muur tussen hen worden geplaatst met een poort daarin. Aan de binnenkant is er de Genade en aan de buitenkant is er de bestraffing.
yunādūnahum alam nakun maʿakum qālū balā walākinnakum fatantum anfusakum watarabbaṣtum wa-ir'tabtum wagharratkumu l-amāniyu ḥattā jāa amru l-lahi wagharrakum bil-lahi l-gharūru
Zij (de hypocrieten) zullen tegen de gelovigen roepen: “Waren wij niet bij jullie?” De gelovigen zullen antwoorden: “Ja! Maar jullie brachten jullie zelf in verzoeking, jullie twijfelden en wachtten en jullie werden bedrogen door valse wensen, totdat de verordening van Allah kwam. En de voornaamste bedrieger heeft jullie van Allah weggeleid.
fal-yawma lā yu'khadhu minkum fid'yatun walā mina alladhīna kafarū mawākumu l-nāru hiya mawlākum wabi'sa l-maṣīru
Op deze dag zal er dus geen losprijs van jullie geaccepteerd worden, noch van degenen die ongelovig waren. Jullie verblijfplaats is het Vuur, dat is jullie beschermer en slecht is die bestemming zeker.
alam yani lilladhīna āmanū an takhshaʿa qulūbuhum lidhik'ri l-lahi wamā nazala mina l-ḥaqi walā yakūnū ka-alladhīna ūtū l-kitāba min qablu faṭāla ʿalayhimu l-amadu faqasat qulūbuhum wakathīrun min'hum fāsiqūna
Is het voor degenen die geloven nog geen tijd, dat hun harten zich vernederen voor het gedenken van Allah en wat van de Waarheid geopenbaard is? En laten zij niet worden zoals degenen die het Boek voordien hebben ontvangen. Voor hen was de termijn (te) lang geworden waardoor hun hart werd verhard en velen van hen ongehoorzaam werden. En velen van hen waren verdorven.
iʿ'lamū anna l-laha yuḥ'yī l-arḍa baʿda mawtihā qad bayyannā lakumu l-āyāti laʿallakum taʿqilūna
Weet dat Allah leven aan de aarde geeft na haar dood! Voorwaar, Wij hebben de Tekenen voor jullie duidelijk gemaakt, als jullie het maar begrijpen.
inna l-muṣadiqīna wal-muṣadiqāti wa-aqraḍū l-laha qarḍan ḥasanan yuḍāʿafu lahum walahum ajrun karīmun
Waarlijk, degenen die in liefdadigheid geven, mannen en vrouwen, en aan Allah een goede lening geven: het zal vele malen vermenigvuldigd worden en voor hen zal er een eerbare goede beloning zijn.
wa-alladhīna āmanū bil-lahi warusulihi ulāika humu l-ṣidīqūna wal-shuhadāu ʿinda rabbihim lahum ajruhum wanūruhum wa-alladhīna kafarū wakadhabū biāyātinā ulāika aṣḥābu l-jaḥīmi
En degenen die geloven in Allah en Zijn Boodschapper: zij zijn de trouwe volgelingen en de martelaren in het aangezicht van hun Heer, zij zullen hun beloning hebben en hun licht. Maar degenen die ongelovig waren en Onze Tekenen ontkennen – zij zullen de bewoners van het laaiende Vuur zijn.
iʿ'lamū annamā l-ḥayatu l-dun'yā laʿibun walahwun wazīnatun watafākhurun baynakum watakāthurun fī l-amwāli wal-awlādi kamathali ghaythin aʿjaba l-kufāra nabātuhu thumma yahīju fatarāhu muṣ'farran thumma yakūnu ḥuṭāman wafī l-ākhirati ʿadhābun shadīdun wamaghfiratun mina l-lahi wariḍ'wānun wamā l-ḥayatu l-dun'yā illā matāʿu l-ghurūri
Weet dat het leven van deze wereld slechts een spel is, een vermaak, praal en wederzijdse vertoning onder jullie en rivaliteit met betrekking tot weelde en kinderen, zoals de plantengroei na een regenbui bij de boeren verwondering wekt. Daarna drogen ze op en je ziet ze geel worden; dan wordt het stro. En in het Hiernamaals is er een harde bestraffing en vergiffenis van Allah en welbehagen terwijl het wereldse leven slechts een verleidende genieting is.