Noach
نوح
Reciteur: Mishary Rashid Alafasy
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ
innā arsalnā nūḥan ilā qawmihi an andhir qawmaka min qabli an yatiyahum ʿadhābun alīmun
Waarlijk, Wij hebben Noah tot zijn volk gestuurd (zeggende): “Waarschuw jouw volk voordat er een pijnlijke bestraffing tot hen komt.”
qāla yāqawmi innī lakum nadhīrun mubīnun
Hij zei: “O mijn volk! Waarlijk, ik ben een duidelijke waarschuwer voor jullie.
ani uʿ'budū l-laha wa-ittaqūhu wa-aṭīʿūni
Aanbidt daarom Allah, vreest Hem en gehoorzaam mij.
yaghfir lakum min dhunūbikum wayu-akhir'kum ilā ajalin musamman inna ajala l-lahi idhā jāa lā yu-akharu law kuntum taʿlamūna
Hij zal jullie zonden vergeven en jullie uitstel verlenen tot een aangewezen tijd. Waarlijk, wanneer het tijdstip van Allah komt, zal het niet worden uitgesteld, als jullie dat wisten.”
qāla rabbi innī daʿawtu qawmī laylan wanahāran
Hij zei: “O mijn Heer! Waarlijk, ik heb mijn volk dag en nacht opgeroepen.
falam yazid'hum duʿāī illā firāran
Maar mijn roepen heeft slechts hun afkeer vermeerderd.
wa-innī kullamā daʿawtuhum litaghfira lahum jaʿalū aṣābiʿahum fī ādhānihim wa-is'taghshaw thiyābahum wa-aṣarrū wa-is'takbarū is'tik'bāran
En waarlijk! Telkens wanneer ik hun opriep opdat U hun zou vergeven, stopten zij hun vingers in hun oren, en bedekten zij (hun gezichten) met hun kleding en bleven zij uiterst hoogmoedig.
thumma innī daʿawtuhum jihāran
En waarlijk, ik riep hen met luide stem.
thumma innī aʿlantu lahum wa-asrartu lahum is'rāran
En verkondigde hun in het openbaar, ook sprak ik tot hen in het verborgene.”
faqul'tu is'taghfirū rabbakum innahu kāna ghaffāran
Ik zei (tegen hen): “Vraag om vergiffenis van jullie Heer; waarlijk, Hij is Vergevingsgezind.
yur'sili l-samāa ʿalaykum mid'rāran
Hij zal dan overvloedige regen uit de hemel tot jullie sturen.
wayum'did'kum bi-amwālin wabanīna wayajʿal lakum jannātin wayajʿal lakum anhāran
En jullie een vermeerdering in weelde en kinderen geven en Hij zal jullie tuinen schenken en rivieren.”
mā lakum lā tarjūna lillahi waqāran
Wat scheelt jullie, dat jullie de Grootheid van Allah niet vrezen?
waqad khalaqakum aṭwāran
Terwijl Hij jullie in fasen geschapen heeft.
alam taraw kayfa khalaqa l-lahu sabʿa samāwātin ṭibāqan
Zien jullie niet hoe Allah de zeven hemelen, de één boven de ander, geschapen heeft?
wajaʿala l-qamara fīhinna nūran wajaʿala l-shamsa sirājan
En de maan daarin als licht heeft geplaatst en de zon als een lamp?
wal-lahu anbatakum mina l-arḍi nabātan
En Allah heeft jullie als schepselen voortgebracht uit de aarde.
thumma yuʿīdukum fīhā wayukh'rijukum ikh'rājan
Daarna zal Hij jullie hiertoe terugbrengen en jullie daaruit opnieuw doen verrijzen.
wal-lahu jaʿala lakumu l-arḍa bisāṭan
En Allah heeft voor jullie de aarde als een tapijt uitgespreid.
litaslukū min'hā subulan fijājan
Opdat jullie haar over brede wegen bereizen.